Is afgewerkte olie een vloeibare brandstof en waar moet de opslag van afgewerkte olie in een bovengrondse opslagtank aan voldoen?
Afgewerkte olie valt niet onder de definitie van vloeibare brandstof. De definitie van vloeibare brandstof in het Activiteitenbesluit luidt: "lichte olie, halfzware olie of gasolie als bedoeld in de artikelen 26 en 28 van de Wet op de accijns".
Artikel 26 van de Wet op de accijns onderscheidt deze verschillende soorten minerale olie aan de hand van internationaal vastgestelde UN-codes of GN-codes.
Afgewerkte olie valt niet onder de daar genoemde codes. Afgewerkte olie is volgens deze definitie dus geen vloeibare brandstof.
In het Activiteitenbesluit wordt wel aangegeven dat de opslag van onder meer afgewerkte olie in bovengrondse opslagtanks aan de eisen uit de ministeriële regeling moet voldoen.
In de ministeriële regeling wordt in artikel 4.14 onder meer aangegeven dat het opslaan van afgewerkte olie moet plaatsvinden in bovengrondse opslagtanks die met de daarbij behorende leidingen en appendages naar hun aard en functie geschikt moeten zijn voor de opslag hiervan en in goede staat moeten verkeren. Ook moet de opslag in de bovengrondse opslagtank doorgaans op de bodem plaatsvinden.
In artikel 4.15 van de ministeriële regeling wordt aangegeven dat de opslag van onder andere afgewerkte olie (ongeacht het vlampunt) in een bovengrondse stationaire opslagtank aan diverse voorschriften van de PGS 30 moet voldoen. In afwijking van voorschrift 4.4.4 van PGS 30 hoeft een bovengrondse stationaire opslagtank met afgewerkte olie niet te worden gecontroleerd op de aanwezigheid van water. Wel moet een bovengrondse stationaire opslagtank met afgewerkte olie jaarlijks worden geledigd door een hiervoor erkende verwerker.
In artikel 4.19 van de ministeriële regeling zijn voor de opslag van vloeibare bodembedreigende stoffen (zoals afgewerkte olie) in bovengrondse opslagtanks tevens diverse voorschriften opgenomen ter voorkoming van bodemverontreiniging.
